In de herfst van 2004 komen Robert Verhoeven, Pill van Kempen en Jeffrey Willems bij elkaar om een programma in elkaar te zetten voor een kleine try out in de Bossche kroeg de Rode Pimpernel. Meteen is duidelijk dat drie geestverwanten elkaar gevonden hebben.
Na het bevredigende optreden valt het besluit op zoek te gaan naar een bassist en een drummer, om de show verder uit te bouwen voor een van die legendarische Vaudeville zondagen in café De Palm in Den Bosch. Doel is om twee keer een half uur te kunnen spelen. Dit alles nog met de gedachten dat het een eenmalig project zal behelzen. Alric van den Broek en Kees Swanenberg op respectievelijk basgitaar en drums worden ingelijfd. Aldus ziet Straf het levenslicht als de eerste repetitie wordt belegd ergens tussen Kerst en Nieuwjaar Anno Domini MMIV.
Als drie maanden later in de Palm blijkt dat met de mengeling van zelfgeschreven, tegendraadse liedjes en eigenzinnige covers het dak eraf gaat, kan niemand er omheen dat hier iets bijzonders is aangeboord. Straf kan niet anders dan besluiten verder te gaan om te zien hoe ver de horizon rijkt.
Op een handjevol snuffeloptredens na wordt 2005 vooral besteed aan het schrijven van repertoire en aan het verder smeden van het eigen geluid. Daarnaast neemt Straf een demo (‘Bries’) op in de gangkast-studio bij Robert thuis.
Voor Straf is 2006 een memorabel jaar. Niet alleen omdat Straf veel geboekt wordt en de muziek, de teksten en het samenspel zich steeds verder uitdiepen, maar toch zeker ook omdat Alric van den Broek die zomer besluit zijn basgitaar aan de wilgen te hangen, om al zijn aandacht aan zijn vertaalbureau te kunnen wijden. Als zijn vervanger wordt Rob van Veenendaal welkom geheten. Zowat terzelfdertijd komt ook Peter Dupont met zijn saxofoons en accordeon de gelederen versterken.
Het jaar wordt met een straf cadeautje afgesloten wanneer Straf door w2 Concertzaal als voorprogramma voor De Kift wordt gevraagd. Een aanbod dat vanzelfsprekend niet afgeslagen wordt. Niet in de laatste plaats omdat voor Straf De Kift een van de belangrijkste inspiratiebronnen is.
2007 begint voor Straf in Amsterdam. Om precies te zijn in de IJland Studio van Remko Schouten, die in Nederland vooral bekend is van zijn samenwerking met Bettie Serveert, Ceasar en Coparck. In twee dagen tijd worden daar vijf composities opgenomen voor een EP met de titel: ‘Zinkend Schip’. De opnamesessie laat duidelijk horen hoezeer Straf in amper twee jaar gerijpt is. Waar de demo ‘Bries’ een haast bescheiden verkenning was, laat ‘Zinkend Schip’ onmiskenbaar vol zelfvertrouwen en op doorleefde wijze horen wat Straf precies bedoelt met
‘Rauwe Vlakke Land Folk’.